Elektrische locomotief serie E 10.12

Br E10-12-01Over Schorten en Strijkijzers. Met de nieuwbouw sneltreinlocomotief E 10 was de DB na de aflossing van de stoomlocomotieven uitgerust voor de vlotte bediening van het eigen sneltreinnet. Voor het snelverkeer op het internationale TEE-net waren echter hogere snelheden vereist dan tot dusver gebruikelijk. Krauss-Maffei, Henschel en Siemens ontwikkelden in 1962 een hoogvermogenlocomotief, die een langere overbrenging, nieuwe draaistellen en een moderne aerodynamica kreeg.

Het strijkijzer op het front, de beklede buffers, de schorten onder de bufferbalken en de ventilatorband aan de zijkant optimaliseerden de vorm voor 160 km/h – en ze zagen er goed uit. Op korte termijn werd dit geslaagde design daarom ook voor de 150 nog op handen zijnde serielocs overgenomen, die daarna als serie E 10.3 gevoerd werden.
De 31 hoogvermogenlocomotieven hebben zich voor de paradetreinen van de DB bewezen: Rheingold, Rheinpfeil, Rheinblitz, Helvetia en andere. Elektrotechniek en mechaniek van de E 10.12 waren de technische basis voor de volgende generatie sneltreinlocomotieven: de E 03.

Bijzonderheden:
Voorbeeld: DB E 10.12-13, 112 en 113 | Bouwjaar: 1962-68 | Aantal: 31 stuks | Tijdperk: III en IV | Asindeling: Bo’ Bo’ | Lengte: 16.440 mm | Vermogen: 3700 kW | Gewicht: 86.000 kg | Maximum snelheid: 150 km/u.

Voorbeeld treinsamenstelling met E 10 1266 [Trix 22031]
Br E10-12-02

logo-trix    icon-tp4  icon-logo-dbzw  icon-kk-v+a  icon-sound  icon-3pwissverl